Categorie archief: Joost Houtman

Farah Cancellara en Cleo Kammioen

Dat ik geen zonen heb, heb ik me nog geen seconde beklaagd. Collega-vaders fronsen de wenkbrauwen bij deze schijnbaar heiligschennende uitspraak. Mijn ongelofelijke voetbaltechniek zal ik wel niet door kunnen geven. Dat is waar. Het  geheim van het ‘Houtmanpuntertje’ neem ik  dus mee in mijn graf. Vuile moppen tappen zal ook wel geen gedeelde hobby worden met mijn dochters. En aanschuiven aan de badkamer wordt binnen enkele jaren mijn deel. Ook weer waar. Toch beklaag ik het me niet. Verwacht van mij trouwens geen objectiviteit als ik het over mijn dochters heb. Zelfs De dansende prinsessen vind ik nu een vet coole film.  Maar dat ze zo ongegeneerd meegaan in mijn liefde voor het fietsen en het wielrennen had ik echter nooit durven dromen.

De oudste is onder een heerlijk fietsgesternte geboren, luttele uren na Tom Boonens eerste Rondewinst. En de jongste enkele minuten nadat Boonen juichend over de streep bolde in Kuurne-Brussel-Kuurne. De bijgelovige zielen onder u weten genoeg. Nee, mijn dochters luisteren niet naar de naam Lore. Ook vertrouwen ze me na het fietstochtje na een vermoeiende schooldag niet toe dat ze ‘piepedood’ zitten. Wees gerust. Toch, in alle vaderlijke objectiviteit, hun moeder heeft twee fantastische flandriennes gebaard.

Vorig jaar ergens in maart. Farah moest nog vier worden, maar die zijwieltjes moesten van de fiets. Het gevecht met de zwaartekracht moest en zou gestreden worden. Zijwieltjes eraf. Geen bezemsteel of, godbetert, zoiets ingenieus dat je in de Decathlon kan kopen, maar een sjaal. Ja, daarmee zou ik het doen. Een sjaal rond haar buik. Mijn rug in een kramp. Hoe losser ik de sjaal zou kunnen laten, hoe beter ze dus haar evenwicht zou weten te bewaren. Drie sessies heeft het geduurd. Dan vloog ze weg. Gillend van pure excitement. fietste ze een nieuw leven in. Het leven van de mensen wiens wereld groter is dan hun wijk. Een jaar later recht op de trappers, crossend door het maanlandschap van de wegenwerken wat verderop, snel, sneller, snelst… geen fietsuitdaging is haar te veel. En vader zag dat het goed was.

Intrigerend genoeg bedacht ze zichzelf een bijnaam: Farah Cancellara. Klinkt lekker niet? En ja, madam kijkt mee als Michel Wuyts en Karl Vannieuwkerke de renners richting eindmeet babbelen. Kleine zus Cleo kan natuurlijk niet achterblijven. Integendeel, kleine zus doet niet onder. Principieel. God noch gebod, die meid. Laat zich met haar drie jaar Cleo Kammioen noemen. Alliteraties doen het altijd bij kampioenen. Bescheidenheid is hen vreemd. Dat zit dus goed. Die zijwieltjes moeten er binnenkort ook af. Met achttien al Olympische medaillewinnaars, dat staat in de sterren geschreven. Binnen enkele jaren is die mooie droom waarschijnlijk weer weg. En dan wordt vader in het midden van de nacht wakker. Fietsen doen de dochters zo weinig mogelijk. Achterop bij hun lief op de motor. En veel te laat thuis.

Tom Boonen, patroonheilige van Joosts dochters.

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Joost Houtman

Neuken in de keuken

Over “a bitchie Vloms” sprekende Noorse kampioenen en

de wielerontmaagding van een bende zaalvoetballers.

Haiku 1

Een kudde sponsorwagens

Een horde coureurs volgt gauw

Supporters content

Vrijdagavond. Zeven prille veertigers en drie dertigers (waaronder auteur dezes) bijeengepropt in drie wagens. Een mannenweekend. Onze band? We spelen samen in zaalvoetbalploegje BPB. Binnenkant Paal Binnen. Jawel, ken uw klassiekers. Het doel van het weekend? Een ongegeneerde viering van het mannendom. Bestemming: Watou. Volledig in lijn met de jarenlange traditie van BPB-weekends is er ook deze keer een thema. Geen schrijf-eens-een-voetbalgedicht of beste-muziek-aller-tijden deze keer. Laat staan het ietwat aangebrande thema “wat als den Duits den oorlog wel gewonnen had”, maar wel FLANDRIENS.

Op het programma op vrijdagavond een zoektocht in Watou. Het gedicht Gent-Wevelgem van Tom Lanoye ligt in verschillende envelopjes verstopt in het poëziedorp. Op de eindbestemming, café De Kikker, puzzelen vier man het ineen.  De anderen hebben meer oog voor de aanwezige lentefee (editie onbekend). Zaterdag gaan we fietsen. Niet iedereen is even getraind. Uitgedost in foute retrotruitjes die ik van mijn goeie vriend en verzamelaar Jurgen Fatta heb geleend, trappen we gezapig de Hoppelandroute rond. De wind eist zijn tol. De blonde en de bruine 8° van Westfleteren inspireren dan weer. Bij thuiskomst in het gezellige weekendhuisje zien we nog net Fabian Cancellara heel intelligent op het allerjuiste moment wegsprinten van Kempische beau garçon Tommeke Boonen.

Ik volg het wielrennen al langer. Twee anderen ook. Met graagte laten we ons in de rol van expert dwingen. We hebben het over waaiers, de kop doen, knechten. You name it en het komt aan bod. Morgen trekken we immers met zijn allen naar het parcours van Gent-Wevelgem. Niet iedereen is even geïnteresseerd. Dirty Dirk luistert liever naar melodieloze jazz, Slagman Peter zoekt een wafel en Grijs-Toefke-Tom legt de pokertafel al gereed. Als we het hebben over het intrigerende spel van rekbare definities van goed en kwaad en van wheelen en dealen is hij plots een en al oor.

Haiku 2

We zien ze komen

Halfweg al genoeg gefietst

Helden stappen af

Zondag bezoeken we Lijssenthoek Military Cemetry. Den Duyts (familienaam, geen bijnaam) kan er zijn fotografielusten botvieren. Een esthetische, maar droevige ervaring is dit. Vanhieruit vertrekken we naar de bevoorradingspost van Gent-Wevelgem. Uitstekend om niet-kenners te laten kennismaken met de koers. Liquigas, Rabobank, Française des Jeux, Ag2r, Omega Pharma: allen staan ze paraat. Den Duyts fotografeert en documenteert alles. We zitten in de buurt van Berthen, nog voor Mont Noir. De zenuwachtigheid van de gendarmerie (ja, we zitten op Frans grondgebied), de onverstaanbaarheid van de West-Vlaamse niet-stakende seinwachter en de cowboyhoed van de BMC-chauffeur zijn al gauw mikpunt van minzame spot. Nice guy Rik rolt voor enkele kompanen een saf. Daan-lookalike Peter bedelt om een bidon bij Rabobank. Voor de kleine die op komst is. Zegt hij. En Jan? Die gniffelt als vanouds de dag vol.

Plots komt de helikopter eraan gevlogen en wordt iedereen zenuwachtig. Een overjaarse afgeborstelde schoolboy stapt uit de stijlvolle Sky-bus en trekt met enkele zakjes de baan op. Vier nobele onbekenden snellen het peloton voor. Op zoek naar hun 15 minutes of Sporza-fame. Het peloton volgt al snel. Van vedetten geen spoor. Ik word bestookt: “Hey, die Cance-dinges en den Boonen heb ik niet gezien!” Ze komen er vier minuten later aan achternagezeten door de bezemwagen. Tom Boonen en Fabian Cancellara zij aan zij. Twee minuten later zij aan zij in de Quick-Stepwagen. De wagen stopt even. We kunnen handjeschudden. Kurt-Asle Arvesen (“mannen, die heeft vorig jaar die rit van gisteren gewonnen”) en Edvald Boasson Hagen (“mannen, die heeft vorig jaar deze rit gewonnen”) zijn ook afgestapt en slenteren naar de Sky-Mercedes. Vriendelijk groeten ze iedereen.

Snelspreker Jurgen vraagt: “Can I take a picture”. Hagen: “Take it in the car.” Een overdosis mannenhumor inspireert Jurgen tot: “What? Naked in the car?” (en ik geef toe: zo kon je Boasson Hagens Engels ook interpreteren.) Arvesen roept daarop olijk: “Naked? Neuken in de keuken! Yes, yes, I also know a bitchie Vloms!” Het peloton mag dan al internationaler zijn geworden, het blijft toch een sport van bij ons. En Arvesen? Dat is onze man. Volgend jaar mag hij mee op mannenweekend. We zitten even later terug in de auto en horen de Kemmelberg omschreven worden als de Himalaya van West-Vlaanderen. Ik had mijn zaalvoetbalvrienden geen betere introductie tot de koers kunnen wensen…

Haiku 3

Tom en Fabian

Zitten zo mooi naast elkaar

In de volgwagen

Op mannenweekend.

Retrofietsen op zaterdag.

Langs het parcours van Gent-Wevelgem.

Daar zijn ze! Waar zijn Boonen en Cancellara?

Kurt Asle-Arvesen, een Vlaamse Noor, geeft op: "Neuken in de keuken?"

1 reactie

Opgeslagen onder Joost Houtman

Wat schaft de pot?

4 broodjes honing

pasta met olijfolie

straks is het weer koers

De auto in voor een trip richting zuiden. Eerste tussenstop Luxemburg. Al afgelegd: een kleine 300 km. De kinderen luchten, de benen strekken. Goedkoop (nu, ja) tanken. 50 euro de tank in. U snapt het plaatje?

Milaan-Sanremo loopt ongeveer over dezelfde afstand. Renners zijn geen auto’s, maar moeten ook wel hun tank vullen. Weet u wat onze vriend Alessandro Petacchi naar binnen speelt? ‘La Gazzetta dello Sport’ keek even mee in de spreekwoordelijke potten.

We zijn ongeveer even oud; de Speer van La Spezia, de gentleman-sprinter, Ale Jet (bijnamen in overvloed) en ik (bijnamen gecensureerd door de redactie). Benieuwd wat Peta zoal in zijn kas slaat voor zo’n gigatrip. Ik sukkel zelf namelijk af en toe met de combinatie eten-sporten. Als ik op een duurlooptraining van twee uur vertrek, moet ik volledig nuchter zijn. Anders loopt het mis. Koolhydraatrijke drankjes zijn mijn benzine. Of het gezond is, weet ik niet, maar zo werkt het voor mij. Fietstochten van 300 km heb ik nog niet gedaan. 100 à 120 km volstaan ruimschoots. (Het zitvlak geeft het dan immers op.) Ik kan in tegenstelling tot het lopen wel eten VOOR een fietstocht en tijdens krijg ik soms een ongelofelijke trek in zoetigheid. Nogal paradoxaal vind ik dat. Gezond doen en zoetigheid binnenspelen. Het tegenovergestelde van in McDonalds een slaatje bestellen.

Alessandro begint VRIJDAGAVOND met 150 g pasta, 150 g rijst, 200 g kipfilet, een beetje gekookte aardappelen, groenten en een stukje taart. Of hij daar dan nog een glaasje lekkere Toscaanse wijn bij drinkt, wist de roze krant niet te melden.

ZATERDAG, de dag dat het moet gebeuren, begint al om 6.15 uur met toast met confituur, lauwe melk met suiker. Dan tien minuutjes rust en dan vliegen 100 gram pasta met olijfolie en een beetje parmezaankaas, een omelet van 2 à 3 eieren en 1 of 2 tassen koffie erdoor. Ik vermoed dat onze vriend dan toch even terug op bed gaat liggen?

Om 9.20 uur leest de menukaart: 4 broodjes met honing, 2 energierepen, 2 drinkbussen met thee en water. Het idee alleen al bevalt mijn maag niet echt. Als middagmaal neemt Alessandro ongeveer hetzelfde en rond 15 uur begint hij aan de gels met koolhydraten. Als je ziet hoe zo’n renner er na de aankomst uitziet vraag je je af of er nog één microgrammetje van deze berg eten in zijn lijf zit. Ik vermoed van niet… Veelverbruikers zijn het, coureurs. Niet moeilijk dat er zovelen na hun carrière opblazen…

Ik heb moeten leren eten tijdens het lopen. Ook eten tijdens het fietsen ging van in het begin niet vanzelf. Voeding is een essentieel onderdeel van het sporten maar het is alleszins toch een bijzonder mysterieus onderdeel voor mij. De laatste kilometer van Milaan-Sanremo zie ik trouwens in ’t Gaverhopke. Een brouwerijtje in Stasegem. Ze creëerden ’t Koerseklakske, een lekkere blonde, ter gelegenheid van Desselgem, Dorp van de Ronde 2010. Het zal op paasdag zes jaar geleden zijn dat Desselgems bekendste inwoner, Briek Schotte overleed. Ik zou wel eens willen weten wat IJzeren Briek tijdens zijn carrière at. De wielertoeristen druppelen binnen. Ze bestellen allemaal een Koerseklakske… Soms moet een mens het niet te moeilijk maken.

milaan-sanremo

300 km

genoeg gegeten

Joost Houtman voelt zich een beetje Petacchi.

3 reacties

Opgeslagen onder Joost Houtman

Cyclocross haikus

Dinsdag 29 december. Loenhout lijkt wel bezet gebied. Tijd voor cyclocross. Ik denk terug aan de gevleugelde woorden van wijlen mijn grootvader wanneer we samen naar Sportweekend keken: “Cyclocross? Cyclosmos, ja!”. Inderdaad, de overvloedige sneeuw van de afgelopen week is verdwenen. De bovenlaag is herschapen in een genadeloos modderbad.  Het is fris, maar ik ben erop gekleed. (Alleen die dekselse tenen blijven een probleem ondanks de dikke wintersokken.) Volk, veel volk. Leg dit concept uit aan een Spanjaard of Portugees en hij verklaart je zot.

Een muts, sjaal, laarzen

Gewapend tegen de kou

Geniet het publiek

Even nog mijn gezelschap en mezelf voorzien van een jeneverke. Eeuwig galant. Eeuwig gewachten ook aan de drankstand. Al goed dat het groot scherm wat leuke beelden geeft. De plaatselijke Waldorf en Statler zijn de commentatoren van dienst.  We zoeken ons het perfecte plekje. Aan een bocht. Onderaan de brug. Zo zien we onze moddergladiatoren tweemaal passeren binnen de minuut. Ik zet mijn geld op Sven Nys. Door pech moeten opgeven in de vorige cross… dan is Svenneke uit op revanche. Toch kleurt Stybie Stybar de eerste ronden. Na enkele ronden krijgen we waarvoor we gekomen zijn: een titanenstrijd Stybar-Albert-Nys. Voor de humoristische noot zorgt de rode lantaarn: een verloren gereden slungel uit het verre Mongolië mijmerend over zijn geliefde steppe.

Het slijk der aarde

Superhelden op de fiets

Meer moet dat niet zijn

Na de vijfde ronde ga ik nog even bijtanken. Mijn bottines verdwijnen in de modder. Ze blijven gelukkig aan mijn voeten hangen. Of is het omgekeerd? De drankstand is herschapen in een warzone. Charles Darwins theorie in de praktijk. De drank heeft hier al lelijk huis gehouden. Goed dat ik mijn dochters niet mee heb genomen. OK, gelukt, snel weer naar mijn vaste plek. SuperSven vliegt recht op me af. Dit klopt niet. Ik trek het koord naar achter. Hij vindt zo een stukje weg-geluk en mompelt “merci”. Ik dolblij… Niels Albert heeft het enkele meters later moeilijk. Een lekker vette “G*dverd*mme!” ontnapt uit zijn mond. Onze blik verlegt zich naar het grote scherm voor de laatste honderden meters van de koers. Sven wint autoritair. Dankzij…

Sven Nys, Niels Albert

Strijdend in de cyclocross

Koning Winter juicht

Sven Nys primus in Loenhout: Joost Houtman zag het gebeuren.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Joost Houtman